Posts tonen met het label onderwijsraad. Alle posts tonen
Posts tonen met het label onderwijsraad. Alle posts tonen

vrijdag 16 november 2012

Goed gesprek over kwaliteit van cultuureducatie

Het was lekker druk in de Marnixzaal van het UCK. Het programma was er ook naar. De Raad voor Cultuur was er, en de Onderwijsraad. En ook de cultuurwethouder van Amsterdam en de directeur-generaal van OCW. Dat maakt sowieso nieuwsgierig. Het begon met Joop Daalmeijer en Thea Meijer, die hun gezamenlijk advies toelichtten over cultuureducatie in de basisschool. Daarna sprak Carolien Gehrels over haar cultuureducatie-aanpak in de hoofdstad. Marjan Hammersma sloot af met de reactie van OCW op het advies van beide raden. En geloof me, iedereen wil graag van cultuureducatie in de basisschool een succes maken.

Volgens beide raden hoort cultuureducatie thuis in het hart van het onderwijs: daar wordt immers het fundament gelegd voor de culturele ontwikkeling van kinderen. Vervolgens doen de raden drie stevige uitspraken over de kwaliteit van cultuureducatie: geef scholen meer grip op de inhoud met een referentiekader; bevorder de deskundigheid in de school van zowel aankomende als zittende leraren; en stel de culturele infrastructuur in dienst van de school: werk als school vraaggericht.

In drie groepen werd daarna gediscussieerd over wat deze drie aanbevelingen concreet inhouden en welke acties dit van diverse betrokken partijen vraagt. Mijn groep was gevarieerd met bestuurders, schoolleiders, cultuurcoaches, lerarenopleiders van pabo en kunstvakonderwijs, educatiemedewerkers van culturele instellingen en de PO-Raad. Ons onderwerp was de deskundigheid van de leerkracht.

Het was een goed gesprek over wat wij nodig vonden om deskundig genoemd te worden: vakkennis, vaardigheden, organisatievermogen en natuurlijk een positieve attitude. Over wat de schoolleiding moet bieden aan ondersteuning, zoals tijd en geld. Over het schoolbestuur dat in beleid ruimte geeft om cultuureducatie met kwaliteit te realiseren. Over scholing door lerarenopleidingen en culturele instellingen door middel van teach de teacher-programma's, specifiek samengestelde nascholingsprogramma's, training on the job en gewoon als leerkracht meedoen aan een cultureel programma van een instelling.

Kritische kanttekeningen waren er voor provincies en gemeenten die het soms onmogelijk maken om de deskundigheid van de leerkracht te versterken. Provinciaal worden culturele instellingen hier en daar immers wegbezuinigd en ook gemeenten verminderen hun budgetten voor kunst en cultuur.

De algemene opvatting was dat we de kwaliteit van cultuureducatie sámen moeten verbeteren. Dat we het niet alleen van de leerkracht moeten laten afhangen. Die is vaak al minder goed voor de kunstvakken toegerust en bovendien zwaar belast door alle andere taken die hij in de school heeft. En, laat de leerkracht zelf kunst en cultuur ervaren en leren kennen, dan komt het goed.

Voor meer discussie over hoe we sámen de kwaliteit van cultuureducatie kunnen verbeteren, zie het Netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.

vrijdag 26 oktober 2012

Infrastructuur in wankel evenwicht

Niet alleen in Oss hangen omstreden bezuinigingsmaatregelen in de lucht, ook Den Haag dingt mee naar de titel Nederlands kampioen bezuinigen op cultuur. Die gemeente wil 20% korten op het huidige budget, twee keer zoveel als het landelijk gemiddelde. En hoe het Haagse college dat gaat doen is hoogst opmerkelijk.

De gemeente zegt 'fors te investeren' in cultuureducatie en cultuurparticipatie en stopt vervolgens de subsidies voor Koorenhuis (cultuureducatie) en Culturalis (amateurkunst). In plaats daarvan komen er een nieuw lokaal expertisecentrum cultuureducatie, een kunstschool, een serviceorganisatie cultuurparticipatie en een subsidieloket amateurkunst. En daarvoor is dan niet ruim 9 miljoen beschikbaar zoals nu, maar slechts 3,6 miljoen. Dan kun je toch niet van 'een forse investering' spreken? Navrant 'detail' is dat er wél 181 miljoen is voor een nieuw dans- en muziekcentrum op het Spuiplein, waarvoor de 25 jaar oude Philipszaal en het Danstheater moeten wijken.

Gelukkig wordt er in Nederland niet alleen bezuinigd. Op landelijk niveau wordt serieus werk gemaakt van de kwaliteit van cultuureducatie. De bewindslieden van OCW gaven woensdag hun beleidsreactie op het in juni uitgebrachte advies 'Cultuureducatie: leren, creëren, inspireren!' van de Onderwijsraad en de Raad voor Cultuur. Om een betere verankering van cultuureducatie in het curriculum van het basisonderwijs mogelijk te maken, doen de raden drie aanbevelingen: geef scholen meer grip op de inhoud, bevorder de deskundigheid in de school en stel de culturele infrastructuur in dienst van de school.

De beleidsreactie schetst een aantal activiteiten om de kwaliteit van cultuureducatie vast te houden en te bevorderen. SLO gaat met een breed veld van onderwijs- en cultuurdeskundigen een leerlijn cultuureducatie ontwikkelen. Daarin moet naar voren komen wat de kenmerken zijn van goede cultuureducatie in scholen en hoe je die ook inhoudelijk richting kunt geven. Om scholen de regie op de kwaliteit van cultuureducatie te geven wordt een instrumentarium ontwikkeld, waarmee ze de prestaties van leerlingen kunnen volgen.

Uit de leerlijn cultuureducatie vloeit logisch voort over welke competenties leerkrachten voor de kunstvakken moeten beschikken. Aansluitend op de kennisbases Pabo worden deze vertaald naar de lerarenopleiding en naar het profiel van de interne cultuurcoördinator (icc'er). Dat er dan ook nascholing ontwikkeld moet worden is duidelijk. En ook dat culturele instellingen voor cultuureducatie in de school van groot belang zijn.

Het is OCW duidelijk ernst, want de Inspectie van het Onderwijs krijgt de opdracht in 2015 over cultuureducatie in de basisschool te rapporteren.

Wij dragen vanuit onze rol ook graag bij aan het landelijke programma kwaliteit van cultuureducatie om daarmee in ieder geval énig tegenwicht te bieden aan de schade die lokaal en provinciaal wordt aangericht door omstreden bezuinigingen.

Voor discussie over een evenwichtig cultuureducatiebeleid, zie het Netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.

vrijdag 31 augustus 2012

Breng kennis uit onderzoek bij leraren in de klas

Zit ze er nog wel, denk ik af en toe, je hoort immers niks meer van Marja van Bijsterveldt. Maar nu heeft ze nieuws! De landelijke organisatie voor onderwijsonderzoek komt er! En dat is ook hard nodig zegt de commissie Nationaal Plan Toekomst Onderwijswetenschappen. Te weinig kennis uit onderzoek komt terecht bij leraren in de klas.

De Onderwijsraad zei al eerder dat de samenwerking tussen onderwijs en onderzoek niet vanzelf gaat. Wanneer scholen en onderzoekers stapsgewijs samen werken aan onderwijsveranderingen is de kans groter dat het onderwijs iets met de onderzoeksuitkomsten doet. Van Bijsterveldt stelt dan ook een regieorgaan in dat voor onderzoek vóór en mét de praktijk moet gaan zorgen. Leraren, schoolleiders en schoolbesturen worden betrokken bij de onderzoeksprogrammering, de beoordeling van projecten en de uitvoering ervan. Het ministerie en de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek bundelen hun onderzoeksbudgetten en ondersteunen het onderwijsveld om tot onderzoekbare vragen te komen.

Deze aandacht voor het gebruik van onderzoekskennis in het onderwijs, en onderzoek in de school, draagt zeker ook bij aan de kwaliteit van cultuureducatie. Leraren kunnen hun deskundigheid in cultuureducatie vergroten door zich kennis uit relevant onderzoek eigen te maken, die te vertalen naar hun lespraktijk of door zelf onderzoek te doen. Hun professionele ontwikkeling kan worden bevorderd door kennisgemeenschappen met onderzoekers op te zetten. Daarin delen en creëren zij kennis door het uitwisselen van ervaringen, gezamenlijke reflectie en ontwikkeling van praktijkinzichten.

Voor cultuureducatie en amateurkunst werken wij aan een onderzoeksagenda. Eind vorig jaar zijn de kennisvragen van onderzoekers en beleidsmakers verkend en geïnventariseerd. Nu is het de beurt aan de praktijk. Aan directeuren, schoolleiders, coördinatoren, sectorleiders en leraren in het basis- en voortgezet onderwijs. Aan welke kennis is er voor het kunst- en erfgoedonderwijs behoefte en wat zouden jullie onderzocht willen zien?

vrijdag 6 juli 2012

Vakantielectuur

Foto: Annemoon van Hemel

Zit al bijna lekker in de achtertuin. Met zoveel zon begin deze week moet het de komende maand toch lukken om ook thuis een heerlijk vakantiegevoel te krijgen. In ieder geval heb ik al wat te lezen uitgezocht. Naast het stapeltje detectives koos ik vier titels die wat serieuzer zijn.

In ieder geval het gezamenlijk advies 'Cultuureducatie: leren, creëren, inspireren!' van Onderwijsraad en Raad voor Cultuur. Dat werd afgelopen donderdag door de beide voorzitters overhandigd aan staatssecretaris Zijlstra. Het toeval wil dat dit gebeurde op een Amersfoortse school waar een van de ouders mij goed kent. Zij was zo aardig een hele fotoserie te maken waaruit ik er een koos. Ik heb het advies al wel gelezen maar ga het nu vergelijken met onze uitgave 'Cultuureducatie: een kwestie van onderwijskwaliteit'.

De tweede gaat over 'Bildung in Deutschland 2012' en heeft als aanvullend thema cultuureducatie in de levensloop. Daarmee wil de Duitse overheid en de samenstellers van dit tweejaarlijkse rapport benadrukken dat niet alleen taal en rekenen, maar ook cultuureducatie een essentieel en integraal onderdeel van het onderwijs is. Een mooie ondersteuning van ons activiteitenplan 2013-2016 dat als titel 'Deelnemen aan cultuur: leren en doen' heeft.

'Music in schools, wider still, and wider' en 'Making a mark: art, craft and design education 2008-11' zijn de twee andere die ik klaar heb liggen. Deze Engelse inspectierapporten over beeldend onderwijs en muziek evalueren de sterktes en zwaktes van de kunstvakken in Engelse scholen. Om de kwaliteit ervan vast te stellen bezocht de onderwijsinspectie in de periode 2008-2011 96 basisscholen vijf keer. Naast deze scholen werd ook een aantal art galleries die onderwijsactiviteiten aanbieden aan inspectie onderworpen. Wat in Engeland lukt, lukt in Nederland nog niet.

En als laatste een tip voor u op vakantie gaat: de Cultuurpleinagenda 2012-2013! Niet alleen ruimte om al uw afspraken in op te schrijven, maar ook met tips, weetjes en quotes over cultuur en onderwijs, én een overzicht van belangrijke culturele evenementen.

Tot na de vakantie...............

vrijdag 9 maart 2012

Vier blijft vier: plus of min voor kunstonderwijs

Vrijdag in de trein naar Tilburg. Blader wat gedachteloos door het nieuws op internet. De kop 'Havo en vwo houden vier profielen' klinkt als magie voor ingewijden: de bovenbouw van het voortgezet onderwijs houdt vier studieprofielen. Wiskunde wordt in alle profielen verplicht. CKV, Culturele en kunstzinnige vorming, hoeft niet meer in zijn huidige vorm te worden uitgevoerd. Ik twitter mijn tweet. Wat staat er nog meer in de brief die de minister op 2 maart naar de Tweede Kamer stuurde?

Eind 2010 wilde Van Bijsterveldt met haar Actieplan Beter Presteren het aantal studieprofielen in de bovenbouw van havo en vwo terugbrengen van vier naar twee om zo meer ruimte te maken voor wiskunde, Nederlands en Engels. Dat was nodig, vond zij, omdat onze 15-jarige leerlingen op het gebied van lezen, wiskunde en science, slechts tot de subtop van de wereld behoren. Dat diezelfde 15-jarigen - na die uit Finland - het hoogst scoren van alle Europese landen, was blijkbaar niet voldoende! Op haar adviesvraag antwoordde de Onderwijsraad dat naast de kernvakken Nederlands, Engels en wiskunde vier clusters van vakken onmisbaar zijn voor een goede voorbereiding van leerlingen op de samenleving. En een cluster met de kunstvakken hoort daar volgens de Raad ook bij! Ik besteedde hier al eerder aandacht aan.

De minister zegt in haar brief nu dat er andere mogelijkheden zijn om ruimte te maken in het programma. Scholen bieden immers meer vakken aan dan wettelijk voorgeschreven is omdat zij zich willen profileren of hun leerlingen veel keuze willen bieden. Als scholen dat extra aanbod efficiënter inbouwen in het bovenbouwprogramma is een vermindering van het aantal profielen niet nodig.

De minister maakt nog op een andere manier ruimte. In de Kamerbrief zegt zij dat de vormende opdracht van het voortgezet onderwijs ook kennis van de maatschappij en cultuur omvat. Zij vraagt zich af of het huidige vak CKV 'met zijn voorgeschreven aantal activiteiten' scholen wel voldoende ruimte geeft om aan deze opdracht te voldoen en 'culturele vorming naar eigen inzicht en op een bij de school passende manier vorm te geven'. Volgens haar moet het anders. Culturele vorming moet leiden tot meer kwaliteit met meer ruimte voor eigen invulling door de scholen. Hoe precies? Dat wil de minister graag samen met het onderwijs nader uitwerken. Mijn vraag is dan of de minister met de veranderde vormgeving van CKV ook de financiële problemen wil oplossen waar de scholen door de afschaffing van de Cultuurkaart tegen aan lopen?

Bij lezing van de brief speelt nog iets anders door mijn hoofd. De minister verplicht het vak wiskunde voor alle havo- en vwo-leerlingen om een betere doorstroming naar het hoger onderwijs te garanderen. Bovendien zegt ze - en daar ben ik het mee eens - zijn wiskundige vaardigheden niet alleen belangrijk voor techniek en wetenschap, maar ook voor kunst, filosofie en architectuur.
Voor het havo-profiel Cultuur & Maatschappij betekent dit dat wiskunde er als verplicht profielvak bij komt en dat havo-leerlingen het met een keuzevak minder moeten doen. Bedoelt de minister met 'efficiënter', dat scholen binnen de keuzevakken een van de kunstvakken beeldende vormgeving, muziek, drama of dans gaan schrappen?

Voor discussie over 'meer of minder ruimte voor culturele en kunstzinnige vorming', zie het Netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.

vrijdag 18 maart 2011

Onderwijsraad wil geen verschraling onderwijsprogramma


Naast de kernvakken Nederlands, Engels en wiskunde zijn vier clusters van vakken onmisbaar voor een goede voorbereiding van leerlingen op de samenleving. De kunstvakken horen daar ook bij! Dat is het antwoord van de Onderwijsraad op het Actieplan Beter Presteren van minister Van Bijsterveldt.

De minister vroeg begin december advies aan de Onderwijsraad over de inrichting van het onderwijsprogramma. Zij was er niet tevreden mee dat onze 15-jarige leerlingen, als het gaat om kennis en vaardigheden op het gebied van lezen, wiskunde en science, slechts tot de subtop van de wereld behoren. Nederland, aldus van Bijsterveldt, moet zorgen in de top vijf terecht te komen. Vandaar haar voorstel een plan op te stellen om het onderwijs te hervormen. In dit Actieplan Beter Presteren komt in de basisscholen nog meer nadruk op de kernvakken taal en rekenen en in het voortgezet onderwijs op Nederlands, Engels, wiskunde en science. Voor deze kernvakken wil zij een substantieel deel van de onderwijstijd reserveren – bijvoorbeeld de helft of twee derde. Dit gaat dan ten koste van andere vakken zoals de kunstvakken. Dat onze leerlingen - na die uit Finland - het hoogst scoren van alle Europese landen, is voor de minister niet voldoende!

Als reactie op het Actieplan, stuurden wij samen met kunstvakverenigingen, lerarenopleidingen, Masters Kunsteducatie en cultuurprofielscholen een brief aan de Onderwijsraad. In vier alinea's onderbouwden wij dat kunstvakken van voorwaardelijk belang zijn voor een kenniseconomie; én voor een evenwichtige vorming van leerlingen; dat kunstvakken kwalificeren en socialiseren en dat kunstvakken de prestaties bevorderen. Concluderend schreven we dat het onderwijs in de kunsten een conditio sine qua non is voor het aanleren van 21ste eeuwse vaardigheden zoals kritisch en interdisciplinair denken, samenwerken en allerlei vormen van geletterdheid.

Eind februari kwam het advies van de Onderwijsraad. In het voortgezet onderwijs doen jongeren een brede kennisbasis op en worden zij gevormd om in persoonlijk en maatschappelijk opzicht optimaal te functioneren. De minister moet zich, aldus de Raad, dan ook richten op goed onderwijs in de volle breedte. Daar past een hoge professionaliteit bij van leraren. De Raad wil nascholing over vakinhoud, vakdidactiek en leerprocessen van leerlingen verplicht maken. Voor de kernvakken – en daar hoort science niet bij - is volgens de Raad minstens een derde van de onderwijstijd nodig. Twee derde van de tijd wordt dan besteed aan de vier vakkenclusters, waaronder 'sociaal-culturele vakken'.

Interessant 'detail' in dit verband: landen die hoge leerprestaties behalen besteden in hun onderwijs nadrukkelijk aandacht aan vaardigheden zoals probleemoplossend vermogen en creatief denken. Vaardigheden die ook in de kunstvakken flink aan bod komen!

Zie voor reacties en discussie over advies Onderwijsraad ook het Netwerk Cultuureducatie op LinkedIn.

vrijdag 11 februari 2011

Kunst- en cultuurvakken: vast onderdeel van het schoolcurriculum!


Sinds december 2010 heeft staatssecretaris Halbe Zijlstra al drie keer*) verklaard hoe belangrijk hij het vindt om alle kinderen actief in aanraking te brengen met cultuur. In zijn beleid richt hij zich dan ook op de culturele ontwikkeling van leerlingen in het primair en voortgezet onderwijs én hun leraren. Hiermee biedt hij kinderen kansen om competenties te verwerven die de minister van onderwijs hen lijkt te onthouden. Zij wil immers extra aandacht voor taal en rekenen in het basisonderwijs, en voor Nederlands, Engels, wiskunde en Sciences in het voortgezet onderwijs. Alleen op die manier, zo betoogt zij, kan Nederland tot de top vijf van kenniseconomieën gaan behoren. Zij vraagt de Onderwijsraad om hierover te adviseren.

Zoals ik eerder zei kunnen kinderen juist via kunstonderwijs allerlei
vaardigheden verwerven die buiten school in een competitieve kenniseconomie van levens(lang)belang zijn. Er reageerden heel wat mensen en organisaties op deze blog. Daarom bespreken we vandaag, samen met deze mensen, hoe en waar we een bredere discussie over dit onderwerp kunnen organiseren. Verder schrijven we de Onderwijsraad een brief om duidelijk te maken dat de kunstvakken wel degelijk een belangrijk onderdeel zijn van het onderwijs. Ook deze vakken bereiden leerlingen voor op een volwaardige deelname aan de maatschappij en kwalificeren hen voor allerlei vervolgstudies. Dus ook voor de kunstvakken moet voldoende onderwijstijd worden gereserveerd. Een keuze voor slechts twee bredere uitstroomprofielen (alfa en bèta), zoals de minister voorstelt, doet te weinig recht aan het belang van de kunstvakken.

Onlangs organiseerden wij ook een discussiemiddag over het onderzoeksproject Cultuur in de Spiegel. Kern van cultuuronderwijs, volgens dit project, is het menselijk vermogen een cultureel zelfbewustzijn te ontwikkelen. Deze visie vormt het uitgangspunt voor de ontwikkeling van een doorlopende leerlijn cultuuronderwijs. De zaal vroeg zich enigszins misnoegd af hoe deze algemene opvatting van cultuuronderwijs zich verhoudt tot vakspecifieke benaderingen. Concreter: wat gebeurt er met geschiedenis en de kunstvakken als ze onderdeel worden van een algemene leerlijn cultuuronderwijs? Is het niet juist belangrijk ook doelen en vaardigheden uit te werken voor de deelterreinen kunst-, erfgoed- en mediaonderwijs?

Wat de uitkomsten van Cultuur in de Spiegel in 2012 ook zullen zijn, de staatssecretaris maakt gelukkig in een door hem ondertekende brief aan de
Cultuurprofielscholen duidelijk dat de cultuurvakken voor hem een vast onderdeel vormen van het schoolcurriculum. Op die manier, zo vervolgt hij, is cultuur in het onderwijs stevig verankerd. Hij voelt er blijkbaar niets voor om daar verandering in te brengen.

*) Zijlstra over belang van cultuur in onderwijs:
Brief Zijlstra uitgangspunten Cultuurbeleid
Adviesaanvraag Cultuurbeleid (van Zijlstra aan Raad voor Cultuur)
Reactie Zijlstra op Denk Einstein

En verder:
Leerlijn cultuur VO
Leerlijn cultuur PO

donderdag 13 mei 2010

Meer kunst en cultuur in de school? Doe het zelf!




Filmfragment uit 'School of Rock'. Straks ook lokale rockhelden voor de klas?


De Onderwijsraad wil vooraanstaande, stimulerende personen uit verschillende sectoren, zoals industrie, dienstverlening, media, bestuur, sport, recht, zorg én kunst meer betrekken bij het onderwijs in de stad waar zij werkzaam zijn. De raad spreekt deze plaatselijke voorhoedes aan op hun verantwoordelijkheid iets terug te doen voor het onderwijs. Iedereen heeft uiteindelijk op een bepaald moment in zijn leven te maken (gehad) met onderwijs. Iedereen is dus verantwoordelijk, de scholen zelf én de maatschappij. De raad introduceert hiervoor het begrip 'Maatschappelijk Programma'.

We kennen hiervan natuurlijk al voorbeelden zoals de
IMC-weekendschool of dagjelesgeven.nl en ook de school van mijn veertienjarige zoon – De Nieuwste School in Tilburg - werkt met externe experts uit het bedrijfsleven en met ouders die leerlingen bij hun thematische onderzoekjes willen adviseren. Ik werk er zelf ook aan mee als bestuurslid van de stichting Vrienden van De Nieuwste School.
Mensen van 'buiten', kunstenaars en kunstkenners in de klas, ik weet dat dit voor spannende ervaringen kan zorgen.

Het plan van de Onderwijsraad is goed. Maak meer mensen verantwoordelijk voor de inhoud van het onderwijs en gebruik de kennis en ervaring die er al is. Probeer ook de kwaliteit van de actieve kunstbeoefening in het onderwijs ermee te versterken. En de relaties tussen school en de lokale organisaties voor kunst en cultuur. Het werkt volgens mij nog beter als leerlingen ook hun
maatschappelijke stage in de plaatselijke kunst- en cultuursector doen. Zo'n stage, vanaf 2011 verplicht voor alle scholieren in het voortgezet onderwijs, zou dan gekoppeld moeten worden aan de organisatie van het Maatschappelijk Programma. Er ontstaan door deze stages immers al netwerken en die moet je gebruiken én uitbreiden.

Wat vindt u ervan? Hoe wordt zo'n maatschappelijk programma volgens u het best vormgegeven en wie neemt hierin het voortouw?

Beroepskunstenaars in de klas

Maatschappelijke stage in de kunst- en cultuurwereld

donderdag 1 april 2010

Onderwijsraad 'vroeg of laat' een beetje dom!

Actieve deelname aan kunst: rappen in het klaslokaal en kunstwerk bekijken in het museum.

Vakken als gymnastiek, levensbeschouwing en cultuureducatie kunnen heel goed met leerlingen van verschillende schooltypen samen worden aangeboden, zo zegt de Onderwijsraad in zijn net uitgebrachte rapport Vroeg of Laat. 'Voor deze vakken hoef je niet per se slim te zijn, het is goed om leerlingen met elkaar te mengen zodat ze niet geïsoleerd opgroeien', aldus een van de medewerkers van de raad in een toelichting aan de NOS.

Beetje dom van de Onderwijsraad. Cultuureducatie is geen schoolvak maar juist vakoverstijgend. Cultuureducatie – de toeleiding tot actieve deelname aan kunst en cultuur – is onderdeel van allerlei schoolvakken, zoals beeldende vorming, muziek, drama en dans, en net zo goed van moderne en klassieke talen en geschiedenis, van aardrijkskunde, wiskunde en economie.
Mogelijk doelt de Onderwijsraad enkel en alleen op het schoolvak Culturele en kunstzinnige vorming (CKV) omdat deze benaming doet denken aan 'cultuureducatie'. Maar ook dan slaat de Raad de plank goed mis. CKV komt als schoolvak voor in tenminste drie onderwijstypen: vmbo, havo en vwo. Terwijl de diverse kunst- en cultuurvakken op alle schoolniveaus worden onderwezen, van vmbo tot universitair. Over welk niveau het ook gaat, kunst en cultuur kun je beleven en beschouwen maar ook actief beoefenen door te tekenen en schilderen, ruimtelijk te werken, zingen en muziek maken, dansen en toneelspelen en ga zo maar door. Cultuurhistorische aspecten en vaktheoretische reflectie zijn ook onderdeel van de diverse kunst- en cultuurvakken. En voor dit alles gelden - net als bij alle andere schoolvakken - uiteenlopende eindtermen in de verschillende onderwijstypen.

Niemand kan bezwaar hebben tegen samenwerking tussen leerlingen van diverse schooltypen en het tegengaan van segregatie. Maar erken wel dat er niveauverschillen zijn. Kennis, inzichten en vaardigheden variëren per leerling. Ook op het gebied van kunst en cultuur. Kunst is weliswaar heel gewoon, maar talenten van alle niveaus moeten zich kunnen ontwikkelen. En toptalenten moeten in staat gesteld worden te excelleren – net als bij sport ook op het gebied van kunst en cultuur. Daar plukt de hele samenleving de vruchten van!